Joke van Leeuwen schreef een geraffineerde roman, ontdaan van alle context
© Floor Rieder

Joke van Leeuwen schreef een geraffineerde roman, ontdaan van alle context

Boek (fictie): Joke van Leeuwen - Hier

Een naamloos dorp, een grenswachter en zijn hond genaamd Hond vormen de simpele bouwstenen voor een beklemmende roman.

'Hier' is een armoedig dorpje vlak bij de grens, in een voormalig mijngebied. In welk land het zich bevindt weten we niet, maar ze eten er hutspot met draadjesvlees. De grens wordt bewaakt door Stamvader en zijn hond genaamd Hond. Stamvader neemt zijn werk bloedserieus. Regels zijn regels. Hij kan met niemand in het dorp bevriend raken, want dat maakt zijn werk moeilijker, 'wantrouwen is zijn werk'. Hij heeft een goede truc om onschuldig ogende vrouwen op het smokkelen van boter te betrappen: hij zet ze met een vriendelijk gebaar op een plastic kleed naast de kachel. Wanneer er een vettig stroompje langs hun benen begint te druppen, heeft hij beet.

Geraffineerd uitgewerkt

Joke van Leeuwen
Hier
Querido; 232 pagina’s; € 18,99.

De nieuwe roman van Joke van Leeuwen, Hier, leest als een beklemmende fabel. Na de voor grote prijzen genomineerde en bekroonde historische romans Feest van het begin en De onervarenen bevinden we ons nu in een veel abstracter universum. Tijd en plaats zijn vaag gehouden, het gaat om dat kleine dorp en een grens die niet of nauwelijks doordringbaar is. Later in de roman lopen de spanningen tussen de buurlanden zelfs zo hoog op, dat er midden in de nacht een hek langs de grens verrijst dat geen enkel verkeer meer doorlaat. Stamvader wordt met pensioen gestuurd.

De angst die het vreemde en onbekende oproept en de behoefte aan veiligheid en wortels zijn terugkerende thema's in het werk van Van Leeuwen - in De onervarenen bijvoorbeeld beschrijft ze Europese migranten in Latijns-Amerika. Door het historische kader los te laten kan de auteur deze thema's nu nog dieper onderzoeken. Het verrassende aan Hier is namelijk dat de opzet haast schematisch simpel is - er is een naamloos dorp, een grenswachter en zijn gezin, een hond genaamd Hond, dorpelingen en hun voorspelbare gedrag - terwijl de thematiek geraffineerd wordt uitgewerkt. Het boek staat vol subtiel aangebrachte tegenstellingen, tussen gemeenschap en isolement, vrij en onvrij, vreemd en vertrouwd, star en progressief.

Stamvader is bijvoorbeeld het meest xenofobe personage, maar hij komt helemaal niet uit het dorp zelf, hij komt van ver. Om zijn werk goed te kunnen doen, moet hij in een vreemd gebied werken, 'te veel bekenden in de buurt zal er volgens zijn meerderen toe kunnen leiden dat hij weleens een oogje dichtknijpt'. Dat hij aan het eind van zijn leven zijn bed niet meer verlaat, is dan ook even ironisch als schrijnend: hij leeft in een ultiem isolement dat zelfverkozen lijkt, terwijl hij zich zijn leven lang heeft ingezet om de gemeenschap te bewaren.

Lezer op scherp gezet

De grenzen van het dorp zijn door de eeuwen heen vaak verschoven. Het is zo vaak van vorm veranderd, beschrijft de proloog, dat kaarten het gebied maar gewoon wit laten, 'alsof het een leegte is waar anderen naar believen invulling aan kunnen geven'. Meteen zet Van Leeuwen, die verder zeer spaarzaam is met metaforen, de lezer op scherp: misschien is dit dorp maar een projectie, het is fluïde, maar dat weten de inwoners zelf niet.

En zo zijn er nog talloze contrasten - tussen de sadistische Stamvader en zijn zoon Bardo bijvoorbeeld, die in het leger leert dat kameraadschap het belangrijkst is, 'voor elkaar in de bres springen'.
In een roman over grenzen en xenofobie is de valkuil vaak dat het te didactisch wordt, te opgelegd humanistisch, zo van: wij mensen zijn bang voor het vreemde, maar dat hoeft helemaal niet, omarm die open grenzen. Van Leeuwen doet dat niet. Met haar rustige, ingetogen pen, met hier en daar een lyrische zucht, toont ze de vloeibaarheid van de begrippen vreemd en bekend, hoe iedereen daarvan in de war raakt. En hoe isolement van mensen eikels maakt.