Beeld uit Centaur.
Beeld uit Centaur. ©

In Centaur krijgen zelfs de beelden die enige poëzie herbergen iets plats

Film (drama)

Regisseur Kubat schotelt ons een allegorie voor van een oude wereld die wordt ingehaald door de moderniteit. Maar door de allesbehalve verfijnde regie krijgen zelfs de wat poëtischere beelden iets plats.

Centaur (**), drama
Regie: Aktan Arym Kubat
Met: Aktan Arym Kubat, Zarema Asanalieva, Taalaikan Abazova, Bolot Tentimyshov. 89 min., in 17 zalen.

Een man steelt een paard en laat zich de nacht in galopperen, het hoofd in de nek en beide handen richting hemel geheven. Een slowmotioneffect illustreert zijn kortstondige gevoel van gelukzalige vrijheid. Zo begint het paardendievendrama Centaur van de Kirgizische filmmaker Aktan Arym Kubat (The Light Thief), die onder de indruk moet zijn geweest van de scène - waarin hij zelf overigens de man op het paard vertolkt - want hij laat het beeld liefst tweemaal terugkeren.

De paardendief staat in de plattelandsgemeenschap waar de film zich afspeelt bekend onder de bijnaam Centaur, vanwege zijn blijkbaar vergaande voorliefde voor paarden, en ontpopt zich gaandeweg als veredelde Robin Hood. Deze Centaur steelt van rijkelui die de beesten slechts zien als handelswaar en schenkt de paarden vervolgens enige tijdelijke vrijheid. Zijn broer is zo'n paardenhandelaar én de rijke eikel van de streek, te zien aan zijn Adidastrainingspak, petje, zonnebril en het feit dat-ie zich laat aanspreken als Commandant. 'Iedereen heeft zijn lot', zegt Commandant tegen Centaur. 'Dat van mij was rijk worden.'

De serie losse indrukken, een kenmerk van de maker, wil hier geen geheel worden

Via dergelijke demonstratieve gesprekjes ontvouwt zich een goedbedoelde doch allesbehalve verfijnde allegorie over een oude wereld die ook op de uitgestrekte vlakten van de voormalige Sovjetrepubliek wordt ingehaald door de moderniteit. Regisseur Kubat toont in zijn zesde speelfilm, een coproductie met het Rotterdamse Volya Films, onder meer een Kirgizisch spreekwoord ('Het paard is de vleugels van de mens') en een anekdote bij de kapper over Al-Buraq, het paard waarmee profeet Mohammed naar de hemel vloog. Ook in Centaur: een publieke discussie tussen orthodoxe moslims en vrijzinnigen over de rol van de vrouw in Kirgizië. Maar de serie losse indrukken, een kenmerk van de maker, wil hier geen geheel worden.

'We zijn onze vleugels kwijt!', vat het titelpersonage de boel op een gegeven moment nog maar even samen. Een film als Centaur is gebaat bij kleine gebaren, maar Kubat hamert zo expliciet op betekenis dat zelfs de beelden die enige poëzie herbergen iets plats krijgen.