Britney Spears in 2000.
Britney Spears in 2000. © Getty Images

Uggs, Von Dutch-petjes en Juicy-pakken: waarom we nu alweer teruggrijpen op de mode van de jaren 2000-2005

Knipper met je ogen en je coole trui blijkt uit en een paar kastjaren later weer ironisch-hip. Stefanie Bottelier over de recyclewetten van de mode.

Zo gaat het vaak met het recyclen van oude modetrends: het zijn niet per se de looks die destijds als écht hip of cool werden beschouwd

Is iedereen die de jaren negentig als volwassene heeft meegemaakt net gewend aan de flashbacks uit dat decennium die je op straat om de oren vliegen - de grungy geruite flanellen shirts, de Dr. Martens, de croptops en de chokers, staat er alweer een nieuw tijdperk te popelen om te worden herbeleefd door trendsetters. Dit keer betreft het de periode van ongeveer 2000 tot 2005. Inderdaad ja, de onstijlvolste periode uit het recente modegeheugen. Want denk maar eens aan die ultralage broeken met daar bovenuit piepend een string en/of aarsgewei. Denk aan knalroze velours joggingpakken met het woord 'Juicy' in grote letters op de bilpartij, in combinatie met Uggs. En denk aan Von Dutch-petjes, aan blingbling en logomania. Het waren modevergrijpen waarvan we zeker wisten dat we ze nooit meer zouden herhalen; en het zijn precies die modevergrijpen die nu weer helemaal in zijn verklaard. Uiteraard door een generatie die nog te jong (of niet geboren) was om te beseffen dat die trends het daglicht nooit meer zouden mogen aanschouwen. Maar zo gaat dat vaak met het recyclen van oude modetrends: het zijn niet per se de looks die destijds als écht hip of cool werden beschouwd die als eerste nieuw leven worden ingeblazen, maar juist de dingen die vanwege hun lelijkheid een tijdperk bepalen. Of in ieder geval: die we als lelijk zijn gaan zien. De nu alom geliefde momjeans bijvoorbeeld. De benaming van dat model spijkerbroek was oorspronkelijk niet echt complimenteus bedoeld, want verwees naar de verre van coole dragers van de broek: buitenwijkmoeders in de jaren tachtig en negentig. Maar wat ooit begon als ironische benaming is nu een eretitel, een officiële spijkerbroekcategorie en een als hip aanvaard model (met de kanttekening dat iedereen die kinderen heeft die dat model dragen, ze zelf maar liever niet aantrekt). Nog een voorbeeld: de kledingstijl van Jerry en Elaine in de jarennegentig-comedyserie Seinfeld. Die had in die tijd niets te maken met mode en niemand zette de tv aan om te kijken wat die twee nu weer aanhadden bij hun bezoekjes aan hun favoriete diner. Maar zo'n drie jaar geleden werd juist de totale nietszeggende, non-modische stijl van het tweetal op het schild gehesen als toppunt van 'normcore' en daarmee cool.

Nu we terugkijken naar het begin van deze eeuw zijn het niet de vrouwen die er echt cool en stijlvol uitzagen (Kate Moss!) die worden vereerd als personificatie van de stijl van het tijdperk, maar kitschfiguren als Britney Spears, Paris Hilton en Jennifer Lopez, in al hun blingblingglorie. Omzien naar het recente modeverleden begint meestal met verwondering, gevolgd door ironische waardering en leidt uiteindelijk tot kopieerdrang. Allereerst voor de grap, zo lijkt het, maar voor je het weet zijn de 'modefouten' weer helemaal in ere hersteld. Dat laatste gebeurt nu met velours joggingpakken, met lowrise bootcut-broeken, met kleine zonnebrillen, met Von Dutch-truckerpetjes en ja, ook met Uggs.

Invloedrijke celebs zoals de modellenzusters Bella en Gigi Hadid zijn al veelvuldig gespot in dit soort jaren-nul-aberraties en het zal vast niet lang meer duren eer ze weer geheel mainstream zijn.

Het is een ongeschreven modewet dat het ongeveer twintig jaar duurt voor een bepaalde periode weer een inspiratiebron mag zijn voor de nieuwe mode

Maar potverdorie: 2000-2005, dat is kort geleden. Nog geen twintig jaar. Terwijl het een ongeschreven, maar algemeen geaccepteerde modewet is dat het ongeveer twintig jaar duurt voor een bepaalde periode weer een inspiratiebron mag zijn voor de nieuwe mode, zie de huidige obsessie met de jaren negentig. Die tussenliggende periode was vroeger zelfs nog langer. Volgens 'Laver's Law', in 1937 bedacht door de Britse modehistoricus James Laver, duurt het zelfs minstens dertig jaar voor een modebeeld weer kans maakt op herwaardering. Laver maakte een handig overzicht van de veranderende houding ten opzichte van een bepaald modebeeld door de decennia heen, een wet die nog steeds regelmatig wordt geciteerd.

Laver's Law (1937)

Indecent: 10 years before its time

Shameless: 5 years before its time

Daring: 1 year before its time

Smart: Current fashion

Dowdy: 1 year after its time

Hideous: 10 years after its time

Ridiculous: 20 years after its time

Amusing: 30 years after its time

Quaint: 50 years after its time

Charming: 70 years after its time

Romantic: 100 years after its time

Beautiful: 150 years after its time

Je knippert twee keer met je ogen en je blijkt ineens hopeloos achter te lopen in je een week daarvoor nog felbegeerde tijgertrui van Kenzo

Hoewel Laver zijn tijden wel erg ruim nam, is de volgorde van de te doorlopen emoties nog behoorlijk accuraat. En als het gaat om de waardering van de vroege jaren nul zitten de meesten van ons waarschijnlijk inderdaad nog ergens tussen hideous (afschuwelijk) en ridiculous (belachelijk) in. Maar dat het tempo van elkaar opvolgende trends steeds sneller gaat, is een trend op zich geworden. In de jaren zestig van de vorige eeuw zagen we met het overheersen van een recht silhouet en korte rokken dat er werd teruggegrepen naar de esthetiek van de jaren twintig, terwijl in de jaren zeventig juist de stijl van de jaren dertig en vroege jaren veertig de inspiratiebron was. Veertig jaar hadden die modebeelden de tijd gehad om uit te rusten en weer aan zeggingskracht te winnen. In de jaren negentig droeg ik echter geen New Look-silhouetten of andere greatest hits uit de jaren vijftig, maar juist de suède A-lijn minirokjes met plateauzolen en blouses met grote punten en grafische prints die veel leken op wat mijn moeder in de seventies had gedragen, nog maar twintig jaar eerder. En nu, weer twintig jaar later, recyclen mijn dochters (soms zelfs letterlijk met mijn kleren uit die tijd) op hun beurt die 'nineties via de seventies'-looks weer.

Het grote verschil met nu en twintig jaar geleden (en alles daarvoor) is internet. Vroeger werd je niet geconfronteerd met visuele bronnen uit het verleden als de modemerken, tijdschriften en andere media de tijd daarvoor niet rijp achtten, tenzij je daar zelf erg je best voor deed. Trends werden nog van bovenaf gedicteerd door the powers that be. Internet heeft dat proces voorgoed veranderd en gedemocratiseerd. Door onlinemedia als Instagram, Tumblr en Pinterest, waarop iedereen zijn eigen zendgemachtigde kan worden, is de manier waarop trends ontstaan en hun verdere levensloop ook erg veranderd. Sociale media dicteren de trends en dat heeft er aan de ene kant toe geleid dat de levensduur ervan steeds korter wordt. Sommige kledingstukken of merken zijn zo alomtegenwoordig op bijvoorbeeld Instagram dat we er veel sneller genoeg van krijgen dan vroeger het geval was. Je knippert twee keer met je ogen en je blijkt ineens hopeloos achter te lopen in je een week daarvoor nog felbegeerde tijgertrui van Kenzo of DHL-shirt van Vetements.

Er is niet langer een allesbepalende inspiratiebron of historische periode waartoe we ons wenden bij het aankleden

Soms echter wordt een trend juist versterkt door de exposure op sociale media. Onze niet-aflatende liefdes-affaire met de kleur millennial pink bijvoorbeeld wordt voor een belangrijk deel in stand gehouden door een eindeloze stroom roze plaatjes op Instagram. Sociale media hebben er ook voor gezorgd dat nostalgie als nooit tevoren hoogtij kan vieren en dat trends uit het (recente) verleden juist een langduriger tweede (derde, vierde) leven krijgen, en op momenten zelfs onverwacht snel. De hype voor kleding uit de late jaren negentig en vroege jaren nul kreeg op die manier een impuls via de Londense Facebookpagina Wavey Garms. Dat begon in 2013 als platformpje voor het opnieuw verkopen van streetwear uit de jaren tachtig, negentig en nul, zoals niche-items van het weer opnieuw tot cool verklaarde Moschino, Versace en Tommy Hilfiger. Trendwatchers kregen Wavey Garms in de gaten en inmiddels is het een invloedrijk platform met honderdduizend volgers en een echte winkel in Londen en werkt het samen met merken als Nike.

Wat ook is veranderd, is de pluriformiteit van het modebeeld. Er is niet langer een allesbepalende inspiratiebron of historische periode waartoe we ons wenden bij het aankleden. Wie naar de catwalkshows voor dit voorjaar kijkt, ziet dat teruggereisd kan worden naar de jaren nul en negentig, maar ook kan worden gekozen uit de ballonvormen die in de jaren tachtig (Saint Laurent) populair waren, de plasticfantastic hoogtijdagen van de jaren zestig (Chanel) of een jarenvijftigsilhouet van ingesnoerde taille en uitwaaierende rok (Raf Simons voor Calvin Klein). En met de brokaten frock coats van Louis Vuitton kunnen we zelfs helemaal terug naar de 18de eeuw.

Maar mijn dochter vindt het juist een goeie grap om de sweater die ze in de brugklas cool vond in de zesde klas met een knipoog te dragen

Laatst ging mijn oudste dochter naar school in haar Homiés-sweater uit 2012. De kledingstukken met daarop de parodie op het Hermès-logo waren toen ongeveer het coolste wat er was voor een brugklasser. Ik had de trui nog voor haar meegenomen uit New York, maar het duurde niet lang voor hij gewoon in Nederland te koop was. Wat heet; in no-time hing de hele Albert Cuyp-markt er vol mee. De dood in de pot voor elke trend en al snel kon de trui niet meer - niet als je cool wilde zijn in ieder geval. Zes jaar later is misschien erg snel om een trend alweer af te stoffen en het roept het beeld op van een slang die zijn eigen staart opeet: op een gegeven moment valt er niets meer te recyclen. Maar mijn dochter vindt het juist een goeie grap om de sweater die ze in de brugklas cool vond in de zesde klas met een knipoog te dragen. Wat haar betreft is er genoeg tijd overheen gegaan, zodat het overduidelijk is dat ze er niet extreem mee achterloopt, maar juist extreem voor. Ze geeft toe dat vrijwel niemand in haar omgeving dit doorheeft en een van haar vriendinnen vroeg zelfs afkeurend: 'Draag je die trui nou nog steeds?'

Het is de ironie van het je ironisch kleden: het bestaat alleen bij de gratie van een publiek dat het doorheeft en je neemt er dus het risico mee dat niemand je (nog) begrijpt. Zo draagt dochter de trui in combinatie met mijn grote, dikke Naf Naf-puffer uit 1990 die ik ooit kocht om warm te blijven, terwijl ik er tegelijkertijd een ironisch statement mee maakte tegen de corpsmeisjeslook uit die tijd, iets wat destijds ook echt helemaal niemand doorhad. Sinds vorige winter zijn die enorme puffers ineens extreem cool. Maar dan echt. En dat heeft bijna dertig jaar geduurd.

Zat die Laver er toch niet zo ver naast met zijn wet.