©

De Kwestie: Is de rentecurve het laatste houvast voor beleggers?

Recessies, periodes van economische krimp, zijn niet te voorspellen. Net zoals periodes van grote economische bloei. De analisten van banken, pensioenfondsen en de andere reuzen van de haute finance hebben wel hun eigen glazen bol, waarin velen net zo heilig geloven als een kardinaal in het hiernamaals.

Dat is de rentecurve (of yieldcurve, zoals handelaren die zelf noemen), waarin grafisch het verschil aangewordt aangegeven tussen de zogenoemde lange rente (de rente op leningen van 5, 10 of 30 jaar) en de korte rente (de rente van 1 maand tot 2 jaar). Normaal is de lange rente hoger dan de korte, omdat er een groter risico is dat in die langere periode de inflatie stijgt en/of de schuldenaar in gebreke blijft.

Mocht de korte rente gelijk worden aan de korte rentecurve - een afvlakkende - of zelfs hoger - een omgekeerde rentecurve - dan worden beleggers even nerveus als een koolmees die een hongerige ekster naar zijn nest met pullen ziet staren.

Aan de laatste zeven recessies in de VS ging altijd een omgekeerde rentecurve vooraf. De korte rente schoot omhoog en de lange daalde. Vooral bij banken pakt dit slecht uit, omdat zij nu eenmaal meestal geld op lange termijn uitlenen (hypotheken, bedrijfskredieten) en voor korte termijn aantrekken. Als de korte rente hoger wordt dan de lange raken ze in de rode cijfers en kunnen zelfs omvallen.

Maar beleggers zijn toch in paniek, hetgeen blijkt uit de grote koersschommelingen dit jaar

Op dit moment lijkt er met de economie weinig mis. De groeicijfers zijn beter dan gedroomd. De winsten van de bedrijven in het eerste kwartaal overtreffen ook de verwachtingen en de prijzen van grondstoffen trekken aan.

Maar beleggers zijn toch in paniek, hetgeen blijkt uit de grote koersschommelingen dit jaar. Behalve de escapades van Trump is die afvlakking van de rentecurve reden voor de toenemende onzekerheid.

Terwijl de rest van de goegemeente in april vooral naar Gordon en Barbie googelde, was in de dealingrooms van banken en pensioenfondsen 'flattening yield-curve' de meest gezochte term op Google. 'Kort geld' is stukken duurder geworden door de zes renteverhogingen door de Fed (de Amerikaanse centrale banken) en de twee die nog te wachten staan. De lange rentes blijven laag omdat pensioenfondsen hun verplichtingen op lange termijn zoveel mogelijk willen indekken en veel langlopende obligaties door het opkoopprogramma in de portefeuille van centrale banken zitten. The Wall Street Journal, de bijbel van de Amerikaanse goeroes, berichtte onder de kop 'noodklok' dat de rentecurve niet meer zo klein is geweest als in 2007, aan de vooravond van de vorige crisis.

Maandag was het verschil tussen het rendement op de tienjarige staatslening en de tweejarige gekrompen tot minder dan een 0,5 procentpunt (50 basispunten): 2,96 tegen 2,48 procent. Dat zou voor beleggers een signaal moeten zijn de winterjas uit de kast te halen vanwege een koud voorjaar.

Dit laatste houvast zet iedereen op het verkeerde been.