Jean-Claude Juncker
Jean-Claude Juncker © EPA

Brussel presenteert - met angstzweet - de 'moeder aller meerjarenbegrotingen'

Het standpunt van Rutte is dat een kleinere Unie (zonder Groot-Brittannië) toe kan met een kleiner budget

Het is dé nachtmerrie van de Europese Commissie: dat haar woensdag te presenteren 'moeder aller meerjarenbegrotingen' met een even venijnige als welgemikte tik linea recta in de prullenbak belandt van premier Rutte en zijn EU-collega's. Uit zo veel nood en overleg geboren en dan in irrelevantie verloren.

De Commissie streeft naar een 'realistisch' plan voor de Europese uitgaven en inkomsten voor de jaren 2021-2027. Realistisch definiëren EU-ambtenaren niet zonder ironie als dat niemand tevreden is: sommige lidstaten vinden het (veel) te ambitieus, andere (veel) te slap. 'Eerlijk en evenwichtig' is de officiële betiteling van de Commissie, ze hoopt dat haar voorstel het strijdperk afbakent voor het onvermijdelijke gevecht tussen de EU-landen over wie de meeste miljarden uit Brussel wegsleept.

Onderhandelingen over een Europese meerjarenbegroting zijn altijd intens en complex: 27 landen (Groot-Brittannië doet niet meer mee), 7 begrotingsjaren, één grote pot met geld (straks naar raming ruim 1.300 miljard euro) en iedereen heeft een veto. Complicerende factoren dit keer zijn het financiële gat dat de Brexit in de begroting slaat en de nieuwe taken waarvan de regeringsleiders eerder vaststelden dat de Unie die moet vervullen: tegengaan migratie, optuigen Europese defensie, aanjagen digitale economie, aanpak klimaatverandering.

Een lichtpunt is dat de Europese economie weer groeit. Het huidige meerjarenbudget (2014-2020) werd opgesteld in de crisisjaren 2012-2013, toen premiers thuis zware bezuinigingen moesten doorvoeren. Gunstig voorteken is ook dat de Frans-Duitse motor na jaren stilstand weer opstart.

Om haar pleidooi voor meer geld kracht bij te zetten, heeft de Commissie alle bestaande subsidiestromen (landbouw, steun armere regio's, onderzoek, ontwikkelingshulp) minutieus doorgevlooid op verspilling en overlap. Waar mogelijk worden die miljarden anders ingezet. Nu is het aan de leiders, stelt de Commissie. Die hebben na het Brexit-referendum hun Europese geloften hernieuwd met ronkende verklaringen in Bratislava en Rome. 'Laat ze nu de daad bij het woord voegen', zegt een betrokken Commissieambtenaar.

Omvang

De Commissie acht een verhoging van het huidige meerjarenbudget (1.087 miljard euro, 1 procent van het Europese bruto nationaal inkomen) onvermijdelijk. Het vertrek van nettobetaler Groot-Brittannië scheelt 13 miljard per jaar, de nieuwe taken kosten jaarlijks 10 miljard. Afgelopen dagen discussieerden Commissarissen over een nieuw budget van 1,14 procent van het EU-inkomen. Omdat door inflatie en economische groei dat inkomen de komende zeven jaar sowieso met ruim 20 procent stijgt, oogt de toename in miljarden fors: circa 300 miljard erbij.

Dit is slikken voor Nederland. Het standpunt van Rutte is dat een kleinere Unie (zonder Groot-Brittannië) toe kan met een kleiner budget. Nieuwe taken en het Brexit-gat moeten betaald worden uit bezuinigingen op de inkomenssteun voor boeren en uit de subsidies voor armere regio's. Rutte heeft de Kamer 'een inspanningsverplichting' beloofd om dit in Brussel voor elkaar te boksen. Problematisch is dat er nauwelijks medestanders zijn: alleen Zweden, Denemarken, Finland en Oostenrijk delen de 'kleiner is minder'-lijn, niet direct zwaargewichten aan de onderhandelingstafel. Alle andere landen - inclusief Duitsland en Frankrijk - pleiten voor een hoger budget.

Tekst gaat verder onder kaart.

Uitgaven

Momenteel is bijna driekwart van het EU-budget bestemd voor landbouwsubsidies en steun voor de regio's. Aan de effectiviteit van die miljarden wordt getwijfeld. Nederland bepleit al twintig jaar (vergeefs) dat alleen de allerarmste regio's nog geld uit Brussel krijgen. Opeenvolgende Commissies hebben geprobeerd de geldstromen te verleggen, maar dat stuitte op onwrikbaar verzet van de begunstigde lidstaten.

Commissievoorzitter Juncker liet eerder dit jaar weten geen 'drastische ingrepen' in deze hoofdmoot van het EU-budget te willen. Naar verwachting komt hij woensdag met een besparing van 6 procent, zo'n 45 miljard euro in 2021-2027. Een bescheiden gebaar: uit een studie van de Brusselse denktank Bruegel blijkt dat het bevriezen van landbouw- en regiosubsidies al 100 miljard oplevert.

De Commissie zet wel een nieuwe geldpot voor het beteugelen van migratie neer: voor de opvang van migranten elders, betere bewaking van de buitengrenzen en investeringen in Afrika. Alles bij elkaar zou het om 30 miljard gaan, drie keer het huidige migratiebudget. Ook komen er een nieuwe fondsen om landen te helpen met economische hervormingen (raming: 25 miljard) en om investeringen aan te jagen (30 miljard).

Criteria

Mede op verzoek van vele regeringsleiders koppelt de Commissie het ontvangen van EU-geld aan een goed functionerende rechtsstaat. Nationale rechtbanken zijn immers nodig om verkeerd of fraudeleus besteedde Brusselse subsidies terug te krijgen. Polen en Hongarije zijn furieus over dit voornemen, in beide landen staat de onafhankelijke rechtspraak onder druk. Ook overweegt de Commissie de naleving van EU-afspraken (opnemen asielzoekers, hervormingen economie) als eis te stellen bij de verdeling van de gelden.

Inkomsten

Het zijn de lidstaten die met directe bijdragen het EU-budget merendeels financieren. Om wat extra inkomsten te verkrijgen, wil de Commissie een Europese belasting op niet-herbruikbaar plastic en op de uitstoot van CO2. Verder hoopt ze dat de Europese Investeringsbank (EIB) kan bijspringen.

Korting

Met Groot-Brittannië verdwijnt ook de befaamde 'rebate' (kortingsmechanisme voor grote nettobetalers) geleidelijk uit de begrotingssystematiek. Voor Nederland - dat meeliftte op de Britse rebate - heeft dat serieuze financiële gevolgen, net als voor Duitsland, Zweden, Oostenrijk en Denemarken. Als de Commissie niet met een ander correctiemechanisme komt, zal Rutte niet schuwen zijn veto te gebruiken. Hij wil dat Nederland per inwoner niet meer aan de EU betaalt dan omliggende, vergelijkbare lidstaten.

Snelheid

De Commissie vraagt de leiders eind dit jaar een akkoord te bereiken over de nieuwe meerjarenbegroting. Anders dreigt uitstel tot 2020 - volgend jaar ligt de Europese wetgeving vrijwel stil door de Europese verkiezingen, het aantreden van een nieuwe Commissie en de opvolging EU-president Tusk - waardoor de benodigde subsidieregels niet op tijd klaar zijn voor het eerste begrotingsjaar (2021). De kans dat de leiders zich door Juncker laten opjagen is klein. Daarnaast moet ook het Europees Parlement instemmen en zijn inzet voor het budget (minstens 1,3 procent van het EU-inkomen) duidt niet op makkelijke gesprekken.