De kleine Hassan (11) luistert naar zijn vader op de persconferentie over de aanval op Douma.
De kleine Hassan (11) luistert naar zijn vader op de persconferentie over de aanval op Douma. © Arie Kievit

Er was geen gifgas, moet 11-jarige Hassan bewijzen

Speciaal overgevlogen Syriërs vertellen op de Russische ambassade in Den Haag over de 'nep-gifgasaanval' in Douma.

'Nu geven we het woord aan onze held, de kleine Hassan', kondigt Aleksandr Sjoelgin, de Russische ambassadeur in Den Haag, aan. De 11-jarige Hassan Diab - hij ziet eruit als hooguit 6 jaar - is de hoofdgetuige op een door Rusland en Syrië belegde persconferentie die moet bewijzen dat de chemische aanval op Douma eerder deze maand een verzinsel was.

Het jochie was te zien in de videobeelden uit het ziekenhuis in Douma, terwijl hij en andere slachtoffertjes van een gifgasaanval door verplegers werden afgespoeld met water. De schokkende beelden waren de aanleiding voor de raketaanval die de VS, Groot-Brittannië en Frankrijk op Syrië uitvoerden.

Nu zit Hassan wat onwennig tegenover een zaal vol journalisten die door de Russische ambassadeur zijn opgetrommeld om van zeventien getuigen uit Douma te horen dat de gifgasaanval nooit heeft plaatsgevonden. Zijn vader heeft net verteld hoe Hassan en zijn moeder buiten geschreeuw hoorden en naar het ziekenhuis renden, waar onbekenden zonder iets te vragen water over hem begonnen te gieten.

'Onze kleine held

'We waren in de kelder, hoorden geschreeuw dat we naar het ziekenhuis moesten en ze begonnen meteen water over mij te gieten en daarna werd ik naar een andere plaats gebracht', zegt Hassan. Daarmee is zijn optreden afgelopen. 'Dank aan onze kleine held', zegt de Syrische vertegenwoordiger.

Rusland en Syrië wilden de overgevlogen inwoners uit Douma laten optreden voor de OPCW, de organisatie die toezicht moet houden op het verbod op chemische wapens. Maar uit protest tegen de 'publiciteitsstunt' bleven de westerse landen weg. 'De OPCW is geen theater', zei de Britse ambassadeur Peter Wilson. 'Ze waren bang om de waarheid en de kleine Hassan recht in de ogen te kijken', snuift ambassadeur Sjoelgin.

De hele gifgasaanval was volgens Hassan Obeid, de plaatsvervangend vertegenwoordiger van Syrië bij de OPCW, een toneelstukje, in scène gezet door mensen van de hulporganisatie Witte Helmen, volgens Obeid een 'terroristische organisatie' die door het Westen wordt gefinancierd.

Een voor een bevestigen de Syrische getuigen die in de videobeelden voorkwamen dat er in werkelijkheid niets aan de hand was. Ja, er waren mensen met ademhalingsproblemen, maar dat kwam door de rook en het stof van een ingestort gebouw, zegt Khalil al-Jaesh, arts op de afdeling spoedeisende hulp. 'Maar opeens doken er figuren op die schreeuwden dat er chemische wapens waren gebruikt en een complete chaos creëerden. Maar wij wisten dat het niet waar was'. Ook andere ziekenhuismedewerkers vertellen dat er niets aan de hand was. 'Er werden alleen wat mensen afgespoeld met water omdat ze onder het stof zaten', zegt Abdulrahman Hejazi. Er zijn ook helemaal geen doden of gewonden gevallen, zegt de een na de ander.

Ondergronds laboratorium

De Syrische vertegenwoordiger beschuldigt de rebellen ervan dat zij zelf chemische wapens produceren. Hij laat beelden zien van een ondergronds chemisch laboratorium dat de autoriteiten na de inname van Douma hebben ontdekt. Volgens hem lagen er in de opslag allerlei verboden chemische stoffen.

Wat er van de beweringen klopt, valt niet na te gaan. De getuigen uit Douma bezweren dat zij uit vrije wil naar Nederland gekomen zijn en op geen enkele manier door de autoriteiten onder druk zijn gezet.

Ambassadeur Sjoelgin twijfelt niet aan het effect van het optreden van de getuigen: 'Wij worden steeds beschuldigd van het verspreiden van nepnieuws. Maar nu hebben wij hén op heterdaad betrapt.'